Over kinderen en robotjes

Onlangs was ik te gast in een bevriend gezin. Nog maar net was ik gezeten of Eugénie, het dochtertje van zeven, kwam voor me staan met drie spelen in haar hand. De vraag was niet òf we zouden spelen. Wel wélk spel we zouden spelen.

Kinderen hebben iets van robotjes: ze lijken wel geprogrammeerd om te spelen,  pret te beleven en te genieten. Volwassenen kunnen veel leren van hun levensvreugde en hun creativiteit.

Kinderen kunnen op hun beurt heel wat leren van (echte) volwassenen: vreugde vinden, niet alleen in wat “plezant” is; maar ook in de banaliteit van het dagdagelijkse leven, het echte leven. In wat je leuk vindt, én in wat je minder leuk vindt.

Reacties

Meest gelezen

Waarin verschilt het christendom van jodendom en van islam?

Kom, o Geest des Heren, kom - Pinkstersequentie

Waar de Heilige Geest allemaal goed voor is - Pinkstergebed van Karl Rahner sj

Hoe komt het toch dat jezuïeten zoveel investeren in onderwijs? - Serie van Nikolaas Sintobin sj over ignatiaanse pedagogie (1/6)

Een "gevallen fiets" op een Amsterdamse brug - Mijmering van Nikolaas Sintobin sj

Een God die één en ook drie is. Hoe moet je dat in Godsnaam verstaan? - Een uitleg door Nikolaas Sintobin sj

Hoe vermijden dat je intuïtie onbetrouwbaar wordt - 5/9