Waarom die oorverdovende stilte rond kardinaal Müller?


Voorbije donderdag werd een interview gepubliceerd met kardinaal Müller. De Prefect van de Congregatie voor de Geloofsleer spreekt er streng over de interpretatie die door sommige bisschoppen(conferenties) is gegeven aan Amoris Laetitia. Tussen de lijnen door lees je zijn onvrede over het feit dat een aantal de mogelijkheid bieden aan hertrouwde echtgescheidenen om, na een proces van onderscheiding, opnieuw de communie te ontvangen. Een interpretatie van Amoris Laetitia die gesteund wordt door paus Franciscus zelf.

In een interessante commentaar in Crux stelt John Allen jr, de meest gezaghebbende Amerikaanse vaticanoloog, vast dat deze stellingname van de kardinaal bijna onopgemerkt voorbij is gegaan. Hij spreekt van een oorverdovende stilte. Opmerkelijk omdat die frontale kritiek komt van een kardinaal die een functie bekleedt die traditioneel als uiterst gezaghebbend wordt beschouwd binnen de Katholieke Kerk.

Hoe dit te verklaren? Ik kan met niet van de indruk ontdoen dat kardinaal Müller zich in dit dossier opstelt als een tegenkracht van paus Franciscus. Ziet hij het als zijn taak om een vermeend gebrek aan theologische en leerstellige orthodoxie van de paus te corrigeren?

Was dit zo, dan meen ik dat dit ten onrechte zou zijn. Zo is er het objectieve feit dat heel wat theologische zwaargewichten (vb de kardinalen Kasper en Schönborn) het standpunt van de paus volmondig onderschrijven. Het is dus perfect mogelijk om de stellingname van Franciscus theologisch en leerstellig te onderbouwen. Bovendien lijkt er hier een verwarring te zijn over de taak van de Prefect in dossiers als deze. Die is niet om de paus te controleren of te corrigeren (uitzonderlijke situaties niet te na gesproken). Wel om aan te tonen hoe de theologische en leerstellige traditie, enerzijds, en de uitspraken en documenten van de paus, anderzijds, met elkaar in dialoog staan en hoe die traditie zich verder ontwikkelt dankzij de impuls die de paus eraan geeft.

De vaststelling door John Allen dat Müller de facto genegeerd wordt door de katholieke publieke opinie, lijkt me iets te zeggen over de praxis van de sensus fidei fidelium: het geloofsaanvoelen van de gelovigen. De gelovigen, in hun heel grote meerderheid, voelen aan dat de wijze waarop Müller in dit dossier zijn taak lijkt op te nemen ingaat tegen een fundamentele logica en dynamiek van de Katholieke Kerk. De stuurman is de paus. Niet de prefect van de congregatie van de geloofsleer. 
 
Nikolaas Sintobin sj

Reacties