dank voor "weet je het zelf wel" heel duidelijk voorgesteld. Kan "begin je gebed" niet openen in "Gewijde ruimte". Hopelijk later wel.
Bekkeneel zei…
Op basis van mijn christen zijn weet en geloof ik dat de levende Heer in mij zit. Dus de eeuwige God caritas et amor. Af en toe gluurt Hij in mij even naar buiten vanuit het graf van mijn hart, door een kier van de steen. Dan lijkt de steen een beetje weggerold te worden en klaar ik op. Dan voel ik vreugde, kracht en hoop. Ik word dan doorstroomd door liefde ook. Mijn knorrigheid verdwijnt als de nevels en kwade dampen van een moeras dat in de macht is van de Zwarte Vleer (Toonder). Ik verbaas mij er dan over dat alle aanleidingen tot die knorrigheid onzin waren. Het zat allemaal tussen mijn eigen oren, maar dat kon ik niet zien. Mijn eigen negativiteit schilderde alles boos en donker. Ik zie dan bv. geen buitenlanders, alleen geliefde medezielen in hetzelfde schuitje als ik: op weg naar het oordeel. Ik houd van ze en bid dat ze Jezus mogen leren kennen, maar tegelijk denk ik: dan moet je Hem wel eerst eens in jezelf even uit dat grafhart laten komen, zodat er iets van Hem zichtbaar wordt in jouw leven. Hij klopt om binnengelaten te worden in mijn leven, maar dat is hetzelfde als dat Hij klopt aan de binnenkant van het graf om buiten gelaten te worden. Maar ja, die steen. Wie kan hem wegrollen? Hij wil wel graag opstaan, maar ik lijk zelf de steen op zijn plaats te houden, zodat Jezus wel leeft achter de steen, maar toch niet echt handen en voeten in mij kan krijgen, niet geheel opstaat en alle ruimte krijgt die Hij wil en waar Hij recht op heeft omdat Hij voor mij gestorven is. Ik laat Hem niet Zichzelf worden. Waarom doe ik dat toch (niet)? Waarom laat ik niet toe dat de steen weggerold wordt? Waarom blijf ik maar kiezen voor een onvolledig leven, een half uit de aarde gezongene? (Slauerhoff, Het eind van het lied) Als kind had ik een libelle die half uit de cocon gekropen was en toen gestorven. Hij had dus nooit gevlogen en ging al dood. Zijn metamorfose was mislukt, hij had de wedergeboorte niet overleefd en was gestorven in de woestijn. Triest. Moge de Heer zich over mij ontfermen en mij aansporen tot grote ijver om te groeien in nederigheid en overgave zodat ik het lot van die arme libelle niet hoef te delen. De steen voor mijn hart is mijn ikzucht, hij zal vanzelf wegrollen als ik maar bereid ben klein te worden, te worden als een kind. Dan kan Jezus vliegen als een enorme libelle en mag ik tussen zijn schouders zitten als Niels Holgersson. Wat zal ik genieten en wat zal alle genot dat ik om Hem losgelaten zal hebben verbleken en vergeten zijn en blijken minder dan niets te zijn geweest, bedrog dat mijn ware leven blokkeerde.
Dit boek bevat de spirituele autobiografie van Ignatius van Loyola (1491 – 1556). In zijn oude dag beschrijft de stichter van de jezuïeten via talloze anecdotes zijn zoektocht naar God: herkenbaar, schokkend, ontroerend, grappig. Het is een unieke inwijding in de onderscheidingswijsheid van Ignatius: met je verstand lezen in je hart om te achterhalen waartoe God je uitnodigt, met de vreugde als kompas. In onderstaande video-clip vertel ik een onwaarschijnlijke anecdote die Ignatius verhaalt en die, hoe vreemd ook, een keerpunt werd in zijn innerlijk groeiproces. Klik hier om deze clip te bekijken of klik op onderstaande afbeelding. Klik hier om het boek te bestellen (22,99€)
Vader abt was erg bezorgd. Er waren heel wat jonge mannen die in de abdij intraden. Maar er waren er ook heel wat die, na enige tijd, de gemeenschap opnieuw verlieten. Telkens hadden ze goede redenen om weg te gaan. Het waren enkelingen die bleven. Op een dag was hij hierover aan het tobben toe hij voor zijn ogen iets zag gebeuren dat hem klaarheid verschafte: een vossenjacht. Het arme dier rende door het veld, achtervolgd door een meute honden en, op een zekere afstand, de jagers. Het beest liep voor zijn leven met de blaffende honden achter hem aan. Maar de abt merkte op dat, naar het einde toe van die luidruchtige bedoening, er maar enkele honden overbleven. De andere hadden de achtervolging opgegeven. De ene was aan het rusten, een ander was aan het snuffelen en nog anderen waren leuk aan het ravotten. Wanneer uiteindelijk de jacht ten einde was ging de abt naar een van de jagers toe en stelde hem deze vraag: hoe komt het dat bijna alle honden afgehaakt hebben en dat die twee h...
Dit is een clip uit de Pauscast 'Waarom dankbaarheid je leven verandert" van de KRO-NCRV. In deze Pauscast gaat het over het boek "Dankretraite. 31 dagen danken" van Nikolaas Sintobin sj en Romy Kersten. Klik hier om dit fragment te bekijken of klik op de afbeelding. Je kan het boek kopen via deze link (22,99€)
Een groepje jonge studenten. Ze vertellen over wat hun ter harte gaat, de een na de ander. Het gesprek gaat naar de diepte. Een meisje toont de ring die ze aan haar vinger draagt. Ze legt heel sereen uit dat ze die gekregen heeft tijdens een eucharistieviering. Hij symboliseert de verbintenis die ze aangegaan is om geen seksuele betrekkingen te hebben voor het huwelijk. De anderen luisteren aandachtig. Geen spoor van gegniffel. Het is een keuze zoals een ander. Dat respecteer je.
Je hebt aan alles gedacht. Aan bijna alles … Een mens kan zich vergissen. Hoe goed hij de zaken ook heeft voorbereid. We zijn nu eenmaal beperkt. Wat doet het met jou als je geconfronteerd wordt met je eigen stommiteiten? Klik hier of op onderstaande afbeelding om dit heerlijke videootje te bekijken.
Dit is een clip uit de Pauscast ' Waarom dankbaarheid je leven verandert " van de KRO-NCRVI, waarin ik, samen met Romy Kersten, te gast was. Aanleiding was onze boek: Dankretraite. 31 dagen danken . Tijdens het gesprek vroeg Stijn Fens me hoe het komt dat dit boek, net als de andere door mij geschreven boeken over ignatiaanse spiritualiteit, uitkomen bij een protestantse uitgeverij. Mijn antwoord was kort en bondig. Klik hier of op onderstaande afbeelding om het te horen. Je kan dit boek kopen via deze link (22,99€).
Onderstaand Maria-gebed werd in 1762 geschreven in de jezuïetengemeenschap van Brugge Moeder Maria, wees mijn voorbeeld van overgave en inzet. Verkrijg voor mij een hart dat eerlijk is en zuiver, een hart dat ruimte biedt aan allen, een hart dat moedig en groot is om de moeilijkheden te overwinnen, een hart dat nederig genoeg is om steeds te herbeginnen dat alles verwacht van Jezus, uw Zoon, onze Heer. Amen
Morgen vieren we het feest van de heilige Franciscus van Assisi. Onderstaande vertelling komt uit de Fioretti, een bundel van verhalen over het leven van Franciscus. Wat hij hier vertelt over de echte vreugde is adembenemend. De echte vreugde B roeder Leonardus heeft verteld dat de zalige Franciscus bij Maria ter Engelen eens broeder Leo riep en zei: Broeder Leo, schrijf op. Deze antwoordde: Ik sta klaar. Schrijf op, zei hij, wat de echte vreugde is. Er komt een bode die vertelt dat alle professoren uit Parijs tot de orde zijn toegetreden. Schrijf op: dat is de echte vreugde niet. Ook alle prelaten van over de Alpen, aartsbisschoppen en bisschoppen; ook de koning van Frankrijk en de koning van Engeland. Schrijf op: dat is de echte vreugde niet. Ook vertelt hij dat mijn broeders naar de ongelovigen zijn gegaan en hen allen tot het geloof bekeerd hebben en ook dat ik zo'n grote genade van God heb gekregen dat ik zieken genees en veel wo...
Lang geleden studeerde ik samen met Lode in Leuven. We gingen bijna elke dag samen koffie drinken. Lode Van Hecke was toen reeds monnik in Orval. Hij werd later abt van zijn abdij en is nu bisschop emeritus van Gent. Lode is al meer dan 50 jaar monnik. Hij weet uitstekend waar het over gaat en heeft de beide voetjes op de grond. Dit blijkt uit het schitterend citaat hieronder van bisschop Lode. Bisschop Lode : Ik voel een heel grote verbondenheid met de mensen die vandaag op onze planeet leven en die God zoeken, zelfs in andere godsdiensten. Daar voel ik me heel sterk mee verbonden. En ook met de mensen die hier geweest zijn. Journaliste : Ook met de mensen die God niet zoeken? Bisschop Lode: Ja. Men zoekt altijd iets. Wat is God zoeken of God niet zoeken? Het is niet altijd zo duidelijk. En als men God weigert, welke God weigert men eigenlijk? Waarom weigeren mensen God? Men is nooit absoluut gelovig en ook nooit absoluut ongelovig. Je kan dat wel beweren, maar ...
Mijn homilie voor deze zondag 26ste ZONDAG DOOR HET JAAR Ezechiël 18,25-28. Psalmen 25(24),4bc-5.6-7.8-9. Filippi 2,1-11. Matteüs 21,28-32. Maakt u wel eens ruzie? Misschien wel zó dat u na afloop niet erg fier bent op uzelf? Hoe verloopt zo’n ruzie dan? Preciezer, hoe eindigt zo’n ruzie? Als ze ten minste beëindigd wordt. De ervaring leert dat ruzie maken op zich meestal niet zo erg is. Integendeel soms. Het kan mensen dichter bij elkaar brengen. Niet zozeer het ruzie maken op zich. Wel de daaropvolgende verzoening. Op voorwaarde dat die er komt. Het is indrukwekkend wat het aanbieden van excuses kan teweeg brengen. Ik herinner met het van toen ik leerkracht was. Als ik tijdens een les een fout had gemaakt of even uit de bocht was gevlogen en ik gaf dat toe, dan lieten mijn leerlingen meteen blijken hoezeer ze dit op prijs stelden. Je merkt het in het gezin, tussen vrienden, tussen onbekenden op straat, net...
Reacties
heel duidelijk voorgesteld.
Kan "begin je gebed" niet openen in "Gewijde ruimte". Hopelijk later wel.
Als kind had ik een libelle die half uit de cocon gekropen was en toen gestorven. Hij had dus nooit gevlogen en ging al dood. Zijn metamorfose was mislukt, hij had de wedergeboorte niet overleefd en was gestorven in de woestijn. Triest.
Moge de Heer zich over mij ontfermen en mij aansporen tot grote ijver om te groeien in nederigheid en overgave zodat ik het lot van die arme libelle niet hoef te delen. De steen voor mijn hart is mijn ikzucht, hij zal vanzelf wegrollen als ik maar bereid ben klein te worden, te worden als een kind. Dan kan Jezus vliegen als een enorme libelle en mag ik tussen zijn schouders zitten als Niels Holgersson. Wat zal ik genieten en wat zal alle genot dat ik om Hem losgelaten zal hebben verbleken en vergeten zijn en blijken minder dan niets te zijn geweest, bedrog dat mijn ware leven blokkeerde.