Mark, een Nederlandse novice-jezuïet vertelt over een bedelstage


Mark, een Nederlandse novice, blikt openhartig terug op de noviciaatservaring waar hij het meest tegen opzag: het pelgrims- of bedelexperiment.

Een andere uitdaging die ik erg moeilijk vond was het dagelijkse bedelen voor eten en onderdak. Dit was nooit gemakkelijk, het voelde zelfs onnatuurlijk. Onnatuurlijk omdat ik ervan houd om voor mijzelf te zorgen en onafhankelijk te zijn van anderen. Om afhankelijk te zijn van mensen die ik nooit had ontmoet noch waarschijnlijk weer zal ontmoeten voelde erg vreemd. En dit is zacht uitgedrukt. Bij iemand aanbellen voelde alsof ik mijzelf te veel opdrong aan anderen. Geweigerd worden is dan ook niet erg goed voor het zelfvertrouwen. Toch was een weigering uitzonderlijk. Tijdens onze reis hebben we veel buitengewoon vriendelijke mensen ontmoet die ons genoeg te eten gaven. Elke keer wanneer zij dit deden, voelde het verblijdend, simpelweg goed. Het was goede stof voor reflectie. Want zou ik een stinkende, ongeschoren vreemdeling in mijn huis laten, die zelfs de taal niet spreekt? Ik denk dat er een uitnodiging ligt in het ontvangen van gastvrijheid om gastvrijheid te tonen wanneer dat nodig is. 

De beste ervaring van gastvrijheid was in een Iqualada. Na een dagtocht te hebben gelopen kwamen we hier aan. Igualaga is een stadje van ongeveer 40.000 inwoners. We wisten uit ervaring dat het moeilijker was om eten te vinden in een stad dan in een dorp. Dus gingen we naar het stadhuis waar ze ons doorverwezen naar een Albergue. Bij de Albergue vroegen ze ons om 10 euro p.p. voor een nacht. Dit hadden we niet en dus was er geen mogelijkheid om daar te verblijven. Vervolgens we werden daarom doorverwezen naar een nabijgelegen klooster. Maar helaas, zelfs bij het klooster werden we geweigerd. Kort nadat we het klooster verlaten hadden kwamen twee oude dames naar ons toe en vroegen wie we waren en wat we deden.


Nadat we kort met hen gesproken hadden, nodigde een van de dames ons bij haar thuis uit voor een maaltijd, maar ook bood ze ons een plek om te slapen ze bood zelfs aan ons kleren te wassen en te strijken. De volgende morgen toen we wilden vertrekken werden we eerst getrakteerd op een ontbijtje en kregen we vervolgens ook nog een lunchpakket mee. Een vreemd gevoel van gêne overvalt mij wanneer ik zoveel gastvrijheid en vriendelijkheid ontvang. Want wederom, zou ik hetzelfde gedaan hebben? Tot aan het eind bleef dit lastig, het werd er niet gemakkelijker op. Ik geloof werkelijk dat we werden geleid door Gods voorzienigheid. Naarmate de dagen vorderden groeide ik meer en meer in vertrouwen op God dat Hij voor ons zal zorgen.

Mark Logtenberg nsj

Reacties

Johanna zei…
Wat een geloofsavontuur. Dank jullie wel dat jullie dit met ons wilden delen!