Geloven, als al je heilige huisjes sneuvelen: Silence, van Martin Scorcese


Voor Lazarusmagazine schreef ik een recensie over "Silence", de nieuwe film van Martin Scorcese die volgende week in de filmzalen komt. Hieronder een uittreksel.

Kun je geloven zonder of ondanks de Kerk? Kun je geloven als je de basisregels overtreedt? En wat is christelijk geloven dan wel? Silence is een even ruige als subtiele en mooie film die veel vragen aanpakt waarmee eigentijdse christenen geconfronteerd worden. Deze film is een indrukwekkend geloofsstatement van een van de grootste, hedendaagse cineasten.

In 1639 komen de Portugese jezuïeten Rodrigues (Andrew Garfield) en Garupe (Adam Driver) heimelijk aan in Japan. Ze zijn op zoek naar hun leermeester Ferreira (Liam Neeson), een andere Portugese jezuïet die, na martelingen, het christelijk geloof zou hebben afgezworen. Na een sterke bekeringsgolf in de zestiende eeuw, is in Japan een meedogenloze christenvervolging uitgebroken. Tot ver in de negentiende eeuw zal het christendom er bloedig vervolgd worden omdat het onverenigbaar met en schadelijk zou zijn voor de Japanse cultuur.

Silence verhaalt de zoektocht van Rodrigues en Garupe naar Ferreira, geholpen door Kichijiro en andere ondergrondse christenen. Vrij snel worden ook beide nieuwe priesters gevangengenomen en ervaren zij aan den lijve wat martelaarschap betekent, samen met vele Japanners.

Het resultaat is een episch drama dat in meer dan één opzicht doet denken aan Oscarwinnaar The mission (1986) van Roland Joffé. De (ingehouden) hardheid van de beelden is van dien aard dat de kijker, christen of niet, indringend bevraagd wordt op de eigen ervaring.

De film geeft daar de tijd voor. Hij duurt 161 minuten. Lang, maar niet te lang. Je hebt tijd nodig om binnen te komen in de complexiteit van de context, het thema en de personages. Geen toeval dat in het eerste gedeelte van de film mist en regen voortdurend het zicht belemmeren. Alsof regisseur Martin Scorsese ervoor kiest maar langzaam de gordijnen te openen en zodoende de kijker tijd te gunnen om zich in te werken in het drama dat zich voor zijn ogen afspeelt.

Zo is er een intrigerend personage, Kichijiro, een Japanse christen. Hij heeft alles van een Judas-figuur. Van zodra het moeilijk wordt, loopt hij weg en pleegt hij verraad. Bijzonder is dat hij telkens terugkomt bij de priesters. Kichijiro heeft niet de kracht om te weerstaan aan de beproeving. Hij is zo geboren. Zelf had hij het anders gewild. Andere Japanse christenen kiezen voor de marteldood. Voor hem is dit geen optie. Betekent dit dan dat het christen-zijn voorbehouden is voor de sterken? Is God niet precies mens geworden voor zwakke en zondige mensen als hij, vraagt Kichijiro. 

Reacties

Met genoegen je fijn commentaar op Silence gelezen. Ik hoop er zaterdag naartoe te gaan. Alleen deze bedenking waar ik tegenwoordig veel mee bezig ben: "vraag naar de kern van het christen-zijn. In het bijzonder binnen culturen die volledig vreemd zijn aan het christendom."
Vreemd aan het christendom of vreemd aan het blank westers cultureel doen en denken waarin het evangelie zich hier eeuwenlang heeft "geïncultureerd" en waarmee men zich in de Romeinse kerkelijke administratie nog altijd vereenzelvigt?
Ik denk dat DE vraag waar Shūsaku Endō vooral mee bezig was juist die is! Ook Japanners kunnen Jezus en het evangelie ontdekken zonder zich te moeten "occidentaliseren" Cf. Paulus aan Petrus: τί τὰ ἔθνη ἀναγκάζεις ἰουδαΐζειν; (Galaten 2, 14.) Dat hebben we hier in het Westen nog altijd niet begrepen. En het betreft niet alleen het overnemen van onze Westerse liturgische rituelen, enz. Het betreft ook het uitdrukken van ons geloof in Westerse (filosofisch conceptuele) denkpatronen. André Cnockaert sJ