Als "mijn broer" verwordt tot "die broer van jou"
In de parabel van de vergevingsgezinde vader, keert de jongste zoon naar huis terug. De vader verwelkomt hem en vergeeft hem zijn fouten. De zoon wordt opnieuw erkend door de vader. Hij was verloren en is teruggevonden. Nu beseft de zoon ten volle wat het betekent iemands zoon te zijn. Hij is nu thuisgekomen. De vader is overgelukkig: “Mijn zoon is weer tot leven gekomen. Laten we feestvieren!” Zodra de muziek weerklinkt en het dansfeest wordt geopend, stormt de oudste zoon binnen. Hij daagt zijn vader uit. Hoe ontgoocheld de vader ook moet zijn door de wrok en slechte wil van zijn oudste zoon, toch is hij wijs genoeg om geen partij te kiezen. Wellicht voelt hij dat zijn oudste zoon een moment van vervreemding kent. Door zijn negatieve houding geraakt de oudste zoon van zijn jongere broer vervreemd. Hij verwijst niet meer naar “mijn broer”, maar naar “die zoon van jou”. Het koppig vasthouden aan zijn eigen gelijk verhindert hem een liefdevolle relatie aan te gaan. Niet alleen m...