Brief Algemene Overste jezuïeten bij begin pontificaat Paus Franciscus



         
 
                                                                                                               Rome, 24 maart 2013
Beste Medebroeders,

Op het feest van de Heilige Jozef kreeg ik de gelegenheid te concelebreren in de eucharistie van de inauguratie van Paus Franciscus. De Generaal van de franciscanen, die ook Voorzitter is van de Unie van de Generale Oversten, en ik waren de enige niet-kardinalen die als concelebranten waren uitgenodigd. Bij mijn reflectie over deze ervaring en de andere gebeurtenissen van de laatste dagen voel ik het nodig opnieuw een woord te richten tot heel de Sociëteit van Jezus. En ik doe het gaarne.

Het is evident dat de verwachtingen van heel de Kerk groot zijn wanneer men de gebaren en de woorden van de nieuwe Paus hoort en ziet. Men merkt heel tastbaar dat er een klimaat van grote hoop is ontstaan. Deze hoopvolle verwachtingen en de naam Franciscus die de Paus als naam heeft gekozen, zijn twee tekenen die perfect samen de vernieuwing en de hervorming aankondigen die de Kerk zelf van ons verwacht.

Paus Franciscus contacteerde mij twee maal persoonlijk per telefoon. Zoals ik reeds meedeelde, hebben wij elkaar op zondagnamiddag 17 maart ontmoet in diepe geestelijke en kerkelijke verbondenheid en in de meest broederlijke en hartelijke sfeer. De blijken van genegenheid en dankbaarheid tegenover de jezuïeten overal in de wereld houden niet op. Toen enkele kardinalen mij op 19 maart feliciteerden voor de pauskeuze, antwoordde ik hen met een tikkeltje humor dat het de kardinalen waren geweest die, luisterend naar de stem van de Heilige Geest, deze Paus aan de Kerk hadden gegeven. Paus Franciscus voelt zich echt als een jezuïet en dat heeft hij de vorige dagen op verschillende momenten getoond. Tekenen daarvan zijn zijn pauselijk wapenschild en zijn persoonlijk antwoord van 16 maart op mijn brief van 14 maart.

De Sociëteit van Jezus blijft hecht verbonden met de Heilige Vader in de persoon van Paus Franciscus, die wij als onze Overste beschouwen. Als wij de complexe situatie en problemen bekijken die op hem afkomen, moeten wij, zijn jezuïeten-medebroeders, aan de Heilige Vader opnieuw onze volledige steun toezeggen en hem zonder enig voorbehoud met al onze krachten onze hulp aanbieden, zij het op theologisch, wetenschappelijk, administratief of geestelijk gebied.

Wij zijn ervan bewust dat onze mogelijkheden beperkt zijn en dat wij samen met de hele mensheid de last dragen van een zondig verleden. Maar wij ervaren ook Gods radicale roeping die ons uitnodigt om op een nieuwe wijze naar alle dingen en de toekomst te kijken, zoals Ignatius deed in Manresa. Nu is het tijd om de woorden van barmhartigheid en goedheid op ons toe te passen die Paus Franciscus met zoveel overtuiging herhaalt en om ons niet te laten afleiden door zorgen uit het verleden die ons hart kunnen verlammen en die ons ertoe verleiden de werkelijkheid volgens minder evangelische waarden te interpreteren.

De gehoorzaamheid aan de Paus van Rome nodigt ons eens te meer uit met open hart te luisteren naar wat hij zou zeggen over onze zending (AC35, D1, 1), zodat wij, volgens zijn woorden, de getuigen worden van een leven dat totaal is gewijd aan de dienst van de Kerk als een evangelisch zuurdesem in de wereld. Het zou van onze kant pretentieus zijn te beweren dat de Paus alles moet goedkeuren wat wij zeggen, alsof wij jezuïeten geen nood zouden hebben aan bekering, correctie en geestelijke vernieuwing. Het is alleen vanuit een houding van nederigheid dat wij in staat zullen zijn mee te werken aan de opbouw van een arme Kerk voor de armen, die elke dag steeds meer kan groeien naar het hart van God en zijn Zoon Jezus.

Laat ons, zonder enige vorm van triomfalisme, met vernieuwde kracht en ijver de verbondenheid uitdrukken met onze medebroeder Franciscus. Dit is het moment om zijn vraag te beantwoorden: nl. met hem en voor hem te bidden. Als vrienden in de Heer verlangen wij met hem mee te gaan op zijn weg van Kruis en Leven en, helemaal in de geest van onze kerkelijke spiritualiteit, stellen wij ons ter zijner beschikking met de vreugde en het vertrouwen dat nu door de hele Kerk wordt ervaren.
Nu wij ons voorbereiden op Pasen vragen wij aan God de Vader de genade ons blij te voelen in onze roeping om te behoren tot de allerkleinste Sociëteit van Jezus.

Broederlijk genegen,

Adolfo Nicolás SJ
Algemene Overste

Reacties

Anoniem zei…
Dank om deze eenvoudige, maar diepgaande woorden...Woorden van roeping tot dienstbaarheid en barmhartigheid , van gebed in verbondenheid met paus Franciscus, met alle broers en zusters die hoopvol verlangen naar groei in Jezus'Liefde en Vrede in deze wereld. Vader die elkeen liefheeft, droomt hiervan en stuurde ons Zijn welbeminde Zoon ,ook nu...in de 21ste eeuw.
Van een zus die mee op weg is...

Meest gelezen

Hoe een capucino het verschil kan maken als je van de ene dag op de andere invalide wordt: het getuigenis van Jurjen

Bestaat atheïsme echt? Het antwoord van Lode Van Hecke, abt van Orval

Begeleiding genieten: een dubbelgeschenk (1/4)

Het sterfbed als leessleutel voor de ontmoeting met Jezus - homilie van Nikolaas Sintobin sj