Hoe en waarom een advokaat besluit om jezuïet te worden



Hieronder kan je mijn homilie lezen voor deze zondag.


DERDE ZONDAG VAN DE 40 DAGENTIJD - Jaar C
Ex 3,1-8a.13-15.        Ps 103                   Kor 10, 1-6.10-12                  Lc 13, 1-9

Dit jaar ben ik 27 jaar jezuïet. Voor ik intrad in de Sociëteit van Jezus was ik advokaat. Studietijd inbegrepen heb ik 9 jaar in de juridische wereld vertoefd. Ik had het er naar mijn zin. Wetten en regels bestuderen om die vervolgens toe te passen op concrete situaties. Die regels bewonderde ik ook in de Katholieke Kerk waarin ik was opgegroeid. Ik had – en heb nog steeds - ontzag voor de katholieke leer en moraal. Indrukwekkend hoe die in de wirwar van het menselijk doen en laten allerhande, vaak subtiele richtlijnen aanbieden. In mijn familie waren trouwens heel wat juristen. Orde en regel, daar werd thuis niet mee gespot.

Toen ik afstudeerde was ik goed bevriend met Johan.  Enkele jaren later zou hij een vooraanstaande Belgisch politicus worden. Johan was atheïst.  Op een dag zei hij me: “Nikolaas, over korte tijd sta jij aan onze kant staat”. Onze kant, daarmee bedoelde hij het atheïsme. Neen, Johan dreef niet de spot met mij. Hij voelde wel aan dat mijn christelijke geloof nogal formeel was. Ik besloot er iets aan te doen en werd lid van een groepje jonge juristen die verlangden het christelijk geloof van de binnenkant te ontdekken. We werden begeleid  door een jezuïet die ons inwijdde in de ignatiaanse spiritualiteit. Dat ik vandaag voor u sta, heeft alles te maken met wat ik toen ben gaan ontdekken.

In de eerste lezing hoorden we Mozes vragen naar de naam van God. Hij krijgt als antwoord “Ik ben die is”. God is. God is de kern van het zijn.  Maar wat is dat “zijn” van God? Mozes licht een belangrijke tip van de sluier. Hij zal immers de geschiedenis ingaan als de man van de 10 geboden. Ruimer, als de auteur van de eerste 5 boeken van het Oude Testament, de Pentateuch: de boeken waarin de Wet wordt geopenbaard. Mozes is de man van de Wet. De wet die, doorheen een complex geheel van geboden en verboden, leert om te leven volgens de wil van God. Die wet heeft als grote voordeel dat hij duidelijk is. Je weet waar je aan toe bent. Wie zoet is krijgt lekkers, wie stout is de roe. Daar houden wij van. Jezus zegt overigens  dat Hij  geen jota wil veranderen aan de Wet.

De toon van de gelijkenis van de vijgenboom die we net hoorden is echter heel anders. Het begin is zorgwekkend. Jezus suggereert namelijk dat de afwezigheid van vruchten de schuld is van de vijgenboom zelf. Het lijkt dan ook billijk dat hij wordt omgehakt. Voor wat, hoort wat. De uitkomst is anders. De vijgenboom zal extra verzorgd en gevoed worden. Hij krijgt een nieuwe kans ook al heeft hij het niet verdiend en is hij flink in de fout gegaan. De boodschap is duidelijk. Hoe voor de hand ligggend de juridische logica ook is, Gods barmhartigheid is groter. Jezus geeft nieuwe kansen, steeds weer. Het enige wat van ons gevraagd wordt, is om de kans te grijpen.

Neen, het zijn van God laat zich niet samenvatten in regels. De liefde van God voor elk van ons laat zich niet opsluiten in cijfers. Wie van ons zou zich hier trouwens nog durven tonen, was God wel een zakelijke boekhouder? De psalmist zingt het vandaag uit: De Heer is barmhartig en welgezind,  lankmoedig en goedertieren. Zo wijd als de hemel de aarde omspant, zo alomvattend is zijn erbarmen.

Heb ik er spijt van dat ik 9 jaar van mijn leven bezig ben geweest met wetten en regels? Helemaal niet. Ik denk dat het helpt om scherper te zien wat goed en kwaad is. Mogelijks heeft het ook mijn verlangen naar God sterker gemaakt. Maar even goed weet ik dat het de ervaring is van Gods barmhartigheid die mij heeft doen verlangen om gezel van Jezus te worden en  vooral te blijven, nu reeds 27 jaar. Het is de barmhartigheid die mij doet leven en hopen. 

Nikolaas Sintobin sj

Reacties

zoekende zei…
Nikolaas, ik sta vol bewondering voor je sterk geloof, hoe doe je dat toch? waarom heb ik altijd zoveel twijfels?