Ervaring

In 1978 publiceerde Karl Rahner sj zijn « Brief van Ignatius aan jezuïeten van nu ». In dit essay van enkele tientallen bladzijden kruipt Rahner in de huid en pen van Ignatius en levert hij mijmeringen over wat het kan betekenen om vandaag jezuïet te zijn.

In dit laatste uittreksel vertelt Rahner over de godservaring van Ignatius : begin- en eindpunt van alles.

Zoals je weet, wilde ik, zoals ik het toen uitdrukte, « de zielen helpen », d.w.z. ik wilde mensen iets zeggen over God en zijn genade, en over Jezus Christus, de Gekruisigde en Verrezene, iets dat hun vrijheid zou verlossen tot de vrijheid die ik in God had leren kennen. Ik wilde niet iets anders zeggen dan wat in de Kerk altijd gezegd werd, en toch was ik van mening (en die mening was juist) dat ik het oude op een nieuwe manier kon zeggen. Waarom ? Ik was ervan overtuigd, dat ik – eerst als beginneling tijdens mijn ziekte in Loyola en later definitief gedurende mijn afzondering in Manresa – God onmiddellijk ontmoet heb en dat ik die ervaring zo goed en zo kwaad als het kon, aan anderen moest doorgeven.

Als ik zo beweer God onmiddellijk te hebben ervaren, dan hoef ik aan deze bewering nog geen college theologie te verbinden over het wezen van die onmiddellijke godservaring; dan wil ik ook niet spreken over alle begeleidende fenomenen van zo’n ervaring, die uiteraard ook hun historische en individuele eigenaardigheden vertonen. Ik het het namelijk niet over aanschouwelijke visioenen, symbolen, geluiden, niet over de gave der tranen en dergelijke dingen. Ik zeg alleen : ik heb God ervaren, de naamloze en ondoorgrondelijke, zwijgende en toch nabije, die zijn Drievuldigheid naar mij toenwendde. Ik heb God ervaren ook en vooral voorbij aan iedere aanschouwelijke verbeelding, Hem die als Hij zo vanuit Zichzelf iemand in genade nabijkomt, in het geheel niet met iets anders kan verwisseld worden.

Reacties

Meest gelezen

Ontdek het nieuwe Ignatiuslied

Wie is God? En wie ben ik ...