Kerk

In 1978 publiceerde Karl Rahner sj zijn « Brief van Ignatius aan jezuïeten van nu ». In dit essay van enkele tientallen bladzijden kruipt Rahner in de huid en pen van Ignatius en levert hij mijmeringen over wat het kan betekenen om vandaag jezuïet te zijn.

Hieronder een reflectie over zijn houding ten aanzien van de Kerk.

Men noemt mij met nadruk een man van de Kerk, Marcuse noemt mij een soldaat van de Kerk.

Ik schaam me bepaald niet voor deze kerkelijke gezindheid. Ik wilde met mijn hele bekeerde leven de Kerk dienen, met dien verstande dat deze dienst uiteindelijk God en de mensen geldt en niet een instituut dat zichzelf zoekt. De kerk heeft oneindige dimensies, want zij is de gemeenschap van gelovige mensen, die in hoop op weg zijn, die God en hun medemensen liefhebben en die vervuld zijn van de geest van God. Maar - en voor mij is dat vanzelfsprekend – de Kerk is ook sociologisch bepaald. Ze is een concrete kerk in onze geschiedenis, een kerk van de instituties, van het menselijk woord, van de tastbare sacramenten, van de bisschoppen, van de paus van Rome, zij is de hiërarchische, Rooms-Katholieke Kerk. En als men mij een man van de Kerk noemt en ik dat als iets vanzelfsprekends erken, dan bedoelt men juist de Kerk in haar tastbare en harde institutionaliteit, de ambtelijke kerk, zoals jullie tegenwoordig zeggen, inclusief de niet bijster vriendelijke bijtoon die dat woord heeft. Ja, ik was deze man van deze kerk. Dat wilde ik zijn. En ik kan eerlijk zeggen, dat dat nooit tot een onoplosbaar conflict is gekomen met het feit, dat ik God volstrekt onmiddellijk had leren kennen in mi jn geweten en in mijn mystieke ervaring.

Reacties

Anoniem zei…
Citaat:
" Men noemt mij met nadruk een man van de Kerk, Marcuse noemt mij een soldaat van de Kerk.
En ik kan eerlijk zeggen, dat dat nooit tot een onoplosbaar conflict is gekomen met het feit, dat ik God volstrekt onmiddellijk had leren kennen in mijn geweten en in mijn mystieke ervaring".

Voor vele gelovigen gaat het "soldaat zijn voor de kerk" en " de volstrekte nabijheid en het kennen van God" niet samen.
Een "soldaat voor de kerk zijn" wil nog niet zeggen dat het allergrootste gebod van God: heb je naasten lief zoals jezelf, hiermee vervuld kan worden.
Ook 'soldaten' zijn vaak het spoor bijster!
Alleen al het woord 'soldaat zijn' geeft mij een gevoel van afkeer.
Welke keuzes moeten soldaten maken in conflictsituaties?

Nee, voor mij blijft "de soldaat" verre van mijn geloof in de kerk en in God de Allerhoogste!
Nikolaas zei…
Ignatius zelf noemde zich "gezel van Jezus". De uitdrukking "soldaat van de Kerk" komt van Marcuse, een marxistisch filosoof die geen christen was.

Die uitdrukking kan inderdaad aanstoot geven.

Feit is wel, zoals Rahner beschrijft, dat Ignatius er diep in geloofde dat de Kerk essentieel was voor het leven van de christen. Het is immers dankzij de Kerk dat wij vandaag Christus kunnen kennen. En de Kerk is en blijft, ook doorheen de sacramenten, een onvervangbare "plaats" om God te kunnen ontmoeten.

Het is des te merkwaardiger vast te stellen dat Ignatius zo sterk voor de Kerk koos in een tijd waarin deze in een onwaarschijnlijke morele crisis verkeerde.

Meest gelezen

Hoe een capucino het verschil kan maken als je van de ene dag op de andere invalide wordt: het getuigenis van Jurjen

Bestaat atheïsme echt? Het antwoord van Lode Van Hecke, abt van Orval

Begeleiding genieten: een dubbelgeschenk (1/4)

Het sterfbed als leessleutel voor de ontmoeting met Jezus - homilie van Nikolaas Sintobin sj