Over de oorsprong van de zonde


Wij hebben niet altijd de keuzes gemaakt die God tot lof, eer en dienst strekten. We hebben niet altijd gehandeld als mensen die geloofden dat ze bemind werden. We hebben in ons leven niet altijd alles aanvaard, zoals dit bij geschenken toch wel hoort.
Het maakt ons deemoedig, als wij er ons bewust van worden dat we zondaars zijn. Dat we dikwijls ondankbaar en ontrouw zijn. We zijn in gebreke gebleven, hebben Gods liefdesaanbod niet beantwoord. Wij hebben gefaald, hebben God en onze naaste niet bemind. Zonde bestaat niet alleen in dingen die we doen, maar ook in dingen die we nalaten te doen. Ignatius ziet in dit alles een tekort aan dankbaarheid. We denken er niet aan alles te erkennen als een geschenk dat gekoesterd, verzorgd en gedeeld dient te worden. Voor Ignatius is ondankbaarheid de grootste zonde en oorsprong van alle zonden. In de grond gaat het om nalatigheid te beminnen zoals God ons bemind heeft.
Wie zich hiervan bewust wordt, wordt deemoedig. Ignatius nodigt ons uit te bidden om spijt en schaamte, om een dieper innerlijk besef van onze zondigheid, van de wanorde in ons leven, van onze ondankbaarheid en  nalatigheid om te antwoorden op Gods aanbod tot echt leven. Spijt leidt naar berouw en boetvaardigheid. We zien in dat we die Ene verwaarloosd hebben naar wie we het meest van al verlangen. 

We zijn zondaars, maar ons is vergiffenis geschonken. De twee gaan samen. Als we bekennen zondaars te zijn en berouwvol vóór God staan, alleen dan kunnen we in waarheid Gods barmhartigheid ervaren. Wij zijn zondaars die bemind worden. God houdt van ons, ook al zijn we zondaars. Alleen als we de diepte van onze zonden beseffen, beseffen we de diepte van Gods barmhartigheid. We zijn niet zo  goed als we dachten, maar we worden veel sterker bemind dan we dit ooit hebben kunnen denken.
Gerald M. Fagin sj

Reacties

Anoniem zei…
Het herkennen van grenzen en beperkingen , mogelijkheden en talenten is een levenslange pelgrimstocht. Als wij daar zonder aan verbinden spiegelen wij onszelf voortdurend aan een ideaalbeeld en wie kan daar aan beantwoorden!?
Het herkennen van grenzen en beperkingen , mogelijkheden en talenten is een levenslange pelgrimstocht. Als wij daar zonder aan verbinden spiegelen wij onszelf voortdurend aan een ideaalbeeld en wie kan daar aan beantwoorden!?