Een tijd geleden werd ik geïnterviewd voor "Visie", het ledenblad van de EO. Hieronder enkele uittreksels. "Destijds was ik kind aan huis bij een studiegenoot van me, Johan Vande Lanotte,” vervolgt Nikolaas. “Een briljante kerel, tegenwoordig een van de bekendste Vlaamse politici. Op een dag zei hij tegen me: ‘Nikolaas, over een jaar sta jij aan onze kant.’ Daarmee bedoelde hij dat ik, net als hij, atheïst zou worden. Het was niet uitdagend bedoeld. Eigenlijk gaf hij mij deze boodschap: ‘Het geloof is helemaal niet stevig bij je; jouw wortels gaan niet diep.’” Had hij dit goed gezien? “Ja, en dat voelde ik terdege. Voor mij was geloven vooral het aanhangen van christelijke waarden en normen. Ik beschouwde mezelf als goed katholiek, ging elke week naar de kerk, vond de liturgie belangrijk, bad voor het slapengaan, enzovoort. Maar een persoonlijke Godsrelatie? Een echte band met Jezus? Ik wist niet wat dat was.” Wat deden zijn woorden met je? ...
Reacties
laat ik proberen het uit te leggen:
het gaat hier om vrije wil. "De mens geschapen naar Gods beeld" wil zeggen dat we een vrije wil hebben. Wie eerst voor het dienen van God gaat en zijn eigen zaken op de tweede plaats zet, zegt daarmee in daden dat hij op God vertrouwt, en geeft met zijn vrije wil zo aan God de toestemming om te handelen. Wie - voor al het andere - eerst voor zichzelf zorgt, zegt daarmee: God, ik moet voor mezelf zorgen, want op U kan ik niet rekenen. God handelt niet, tenzij wij het Hem toelaten. Dus voor wie "God bovenal bemint" en voor Hem in de weer is, voor hem kan (begrijp 'mag') God beter zorgen, dan voor wie zijn eigen belang boven dat van God verkiest.