ALLERHEILIGEN Openbaring 7,2-4.9-14. - Psalm 24(23),1-2.3-4ab.5-6. 1 Johannes 3,1-3. Matteüs 5,1-12a Een tijd geleden nam ik de trein in Schiphol naar Amsterdam. Op het ogenblik dat ik wilde gaan zitten merkte ik dat een bejaarde man aanstalten maakte om ook plaats te nemen, en wel in de zetel tegenover mij. Ik had de man vlak ervoor opgemerkt op het perron. Hij was ongeschoren en ongekamd, net niet in lompen gekleed, droeg allerhande tassen, had een groot blik bier in de hand, zijn ogen waren bloeddoorlopen. De eerste gedachte die me door het hoofd schoot was: Neen, hier heb ik geen zin in, ik ga naar de andere kant van de wagon . Maar meteen hoorde ik een innerlijk stemmetje dat me zei: Nikolaas, dat kan je niet maken. Deze man is een mens zoals jij, een kind van God, zoals jij . Ik besloot dus toch maar te gaan zitten, vlak tegenover mijn “broer”. Hij zette zijn bierblik op het tafeltje, toverde een schriftje uit een van zi...
Reacties
Het gaat erom in het nu te blijven en daar God te zoeken
en soms te vinden
Ook in je gebrokenheid, pijn en verdriet.
Volgens mij verteld de tekst dat je als mens kunt leren
welke impulsen van God komen en welke niet
En dat het de kunst is te leren hoe je dat doet en dat je
daar uiteindelijk een blijer mens van word.
Er is een 'rustige vreugde', fragiel, nieuw. Bijna niet te benoemen, maar dat het is er altijd
Een fase van droefenis sinds vele jaren. Ik leef verder en beleef nog leuke dingen maar de vreugde is er niet meer.
Ik ben God dankbaar voor alles en tegelijk verlang ik naar het einde van mijn leven.